UA-12061807-1



Moedermelk Netwerk


De Historie van het delen van moedermelk
Het geven van moedermelk anders dan aan je eigen kind is van alle tijden.
Een van de eerste regels over hoe een ander kind dan dat van jezelf te zogen is opgetekend in de Codex van Hammurabi (1789 voor Chr.) De Codex betreft een breed spectrum van onderwerpen zoals landbouw en veeteelt, diefstal, moord, doodslag, lijfelijk letsel, schade aan goederen huwelijksrechten, de positie van de vrouw en van het kind.
Het werd een voedster zwaar
aangerekend als zij de dood van
een minnekind op haar geweten
had. De straf die hierop volgde was
amputatie van de borsten.
In de 13e eeuw was het zogen van een andermans kind nog steeds een manier om de kost
te verdienen.
Het huren van een voedster was een logische stap wanneer een vrouw
niet in staat was zelf haar kind te voeden. Bijvoorbeeld als een moeder geen zog
had of in het kraambed was gestorven. Verder waren er economische motieven. De moeders
moesten na de bevalling zo snel mogelijk weer aan t werk om het gezinsinkomen op
peil te houden en van dames van stand werden verwacht dat ze zo snel mogelijk nieuwe
erfgenamen produceerden. Ook bestond er vaak geen lichamelijke noodzaak: vrouwen
uit de hogere standen wilden bijvoorbeeld aan het sociale verkeer blijven deel nemen.
Op deze manier werd het zelf voeden van een kind met lagere sociale klassen geassocieerd.
Uit Nederlandse
documenten blijkt
dat borstvoeding
door de eigen
moeder in het
algemeen hoog
werd gewaardeerd.
Voeding door een
min werd gezien
als een goed
alternatief, mits er
een geschikte voedster
werd gevonden.
In de 17e eeuw kostte het in Hollandse steden circa 7 gulden per maand om een kind bij een min uit te
besteden. Dat was in die tijd meer dan het weekloon van een ambachtsman. Bij de lagere klassen was het vaak een vorm van burenliefde om een kind van een ander te zogen. Ook voor de middenklasse was het huren van een min was een flinke aanslag op de portemonnee en er werd dan ook vaak naar de pappot of pijpkan gegrepen, met alle gevolgen van dien.
Aan het eind van de
18e eeuw raakten de
minnen of voedsters
in diskrediet. De hoge
sterfte onder zuigelingen
veroorzaakte dit. Om de
kindersterfte terug te
dringen propageerde de
overheid dat het gezonder
en hygiënischer was het
kind de eigen moederborst
te geven. In een decreet
van Lodewijk Napoleon
uit 1809 werd Zeeuwse
boerinnen 2 gouden oorijzers
beloofd als zij hun kind zelf zoogden.

Aan het eind van de 19e eeuw sterft in Nederland en
andere landen van Europa ruim 20% van de zuigelingen
in het eerste levensjaar. Meestal is de oorzaak een voedingsstoornis die voornamelijk optreedt bij zuigelingen die in plaats van moedermelk als alternatief rauwe koemelk krijgen.
Gedurende de bezettingsjaren werd de biochemicus van de bloedtransfusiedienst van het Nederlandsche Roode Kruis, Dr. G.G.A. Mastenbroek, die naast zijn functie als hoofd van het chemisch laboratorium tevens chemisch assistent was van Prof. Drs. S. van Creveld, hoogleraar kindergeneeskunde te Amsterdam, geconfronteerd met de hoge zuigelingensterfte in de hoofdstad.
Door de slechte voedingstoestand van onze bevolking was de productie van moedermelk gedaald, terwijl de kwaliteit van deze melk bovendien minder was dan onder normale omstandigheden. Daardoor kwam Mastenbroek op de gedachte te zoeken naar een conserveermethode van moedermelk waardoor deze geruime tijd houdbaar zou blijven. Getracht werd op moedermelk hetzelfde droogproces toe te passen, dat gebruikt werd voor bloedplasma. In 1945 werd de eerste melk lyofiel gedroogd.
Professor van Creveld stelde zijn kliniek ter beschikking om het nieuwe preparaat klinisch te onderzoeken en werd sindsdien een trouwe afnemer van de lyofiel gedroogde moedermelk. Ook wijlen Prof. Dr. E. Gorter te Leiden stelde zijn kliniek open voor onderzoek, eveneens met succes.
In het najaar van 1947 besloot met over te gaan tot de oprichting van een Moedermelk Centrale. Op deze wijze was de eerste centrale voor lyofiel gedroogde moedermelk in de wereld tot stand gekomen.
De melk werd alleen op doktersvoorschrift verstrekt, in het algemeen aan te vroeg geboren baby s of jonge kinderen met darmstoornissen.
In 1973 werd de Moedermelk Centrale opgeheven door de grote opmars van biochemische vervangingsmiddelen (bron: Inzameling en distributie van moedermelk door het Nederlandsche Roode Kruis ism andere kruisverenigingen)




